Vergroot contrast

Alternatieve interventies

Via de website en het telefonisch spreekuur van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) kunnen mensen tips geven over mogelijke overtredingen van hun privacy. Die tips kunnen een reden zijn voor de AP om onderzoek te doen. De AP kan er ook voor kiezen om niet direct een officieel onderzoek op te starten. Soms voert de AP eerst een gesprek met een organisatie of stuurt de AP deze organisatie een brief. Dit noemen we alternatieve interventies. Zo’n alternatieve interventie kan al genoeg zijn om de overtreding te laten stoppen.

Gesprek

De AP neemt telefonisch contact op met de organisatie waarover het een of meerdere tips heeft ontvangen en stelt dan bijvoorbeeld de volgende vragen:

  1. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft een tip ontvangen dat u … (bijvoorbeeld: camerabeelden gebruikt om uw werknemers aan te spreken op hun gedrag). Klopt dit?
  2. Wat is uw beleid op dit punt? Kunt u ons hierover informatie opsturen?
  3. Bent u bekend met wat er in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) staat? Eventueel geeft de Autoriteit Persoonsgegevens hierbij uitleg over de AVG.
  4. Welke maatregelen gaat u treffen om uw werkwijze in overeenstemming met de AVG te brengen? Binnen welke termijn? Kunt u dit met bijvoorbeeld beleidsstukken aantonen?

De AP vraagt de organisatie vervolgens om binnen 2 weken per brief of e-mail antwoord te geven en de gevraagde informatie mee te sturen.

Brief

In een zogeheten prima facie-brief (‘op het eerste gezicht’, dat wil zeggen zonder er al onderzoek naar te hebben gedaan) vertelt de AP een organisatie dat er een of meerdere tips zijn binnengekomen over een mogelijke overtreding van de AVG.

In de brief geeft de AP aan wat de norm is waaraan de organisatie moet voldoen. We wijzen er ook op dat de organisatie de werkwijze moet aanpassen als de organisatie niet aan de norm voldoet.