Vergroot contrast

Voor professionals

Naast de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) hebben politie en justitie te maken met de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). Deze wetten vloeien voort uit de Richtlijn gegevensbescherming politie & justitie.

Op deze pagina vindt u het antwoord op veelgestelde vragen van onder meer functionarissen gegevensbescherming (FG’s) en privacycontactpersonen bij politie en justitie. 

    Informatie voor burgers

    Wilt u als burger meer weten over het verwerken van persoonsgegevens door politie en justitie? Dan vindt u het antwoord op veelgestelde vragen hier:  

    Bekijk binnen het onderwerp Voor professionals

    Alle antwoorden op mijn vragenAlgemene vragen over de privacyregels voor politie en justitie

    • Geldt de AVG ook voor politie en justitie?

      Ja, bij sommige taken wel. Maar bij specifieke taken op het gebied van opsporing en vervolging niet. Dan hebben politie en justitie te maken met de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg).

      Wpg en Wjsg

      De Wpg en de Wjsg vloeien voort uit de Richtlijn gegevensbescherming politie & justitie. Aan deze wetten moeten politie en justitie zich houden als zij hun taken uitvoeren voor de opsporing en vervolging van strafbare feiten. 

      De wetten gelden ook bij het uitvoeren van opgelegde straffen en bij taken die erop gericht zijn om de openbare veiligheid te beschermen en strafbare feiten te voorkomen.  

      AVG

      Bij andere taken van politie en justitie is de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) van toepassing. Bijvoorbeeld bij de verwerking van personeelsgegevens.

      Zie ook: waarom gelden er naast de AVG andere privacyregels voor politie en justitie? 

    • Waarom gelden er naast de AVG andere privacyregels voor politie en justitie?

      Politie en justitie hebben de uitzonderlijke taak om de openbare veiligheid te bewaken en strafbare feiten op te sporen. Daarvoor zijn speciale bevoegdheden en regels nodig.  

      Gevoelige persoonsgegevens

      Voor het bestrijden van criminaliteit, verwerken politie en justitie zeer gevoelige persoonsgegevens. Dit doen zij voor het publieke belang. Zij mogen dit doen zonder de mensen hierover vooraf te informeren of hiervoor toestemming vragen. 

      Het is daarom extra belangrijk dat politie en justitie de grondrechten van burgers goed bewaken. Waaronder dus het recht op bescherming van persoonsgegevens. Ook moeten zij alle gegevens die ze verwerken heel goed beveiligen.

      Wpg en Wjsg

      Politie en justitie hebben daarom, naast de AVG, te maken met de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg).

      Zie ook: Geldt de AVG ook voor politie en justitie?

    • Wat zijn de belangrijkste overeenkomsten tussen de AVG en de Richtlijn gegevensbescherming politie en justitie?

      In Nederland is de richtlijn omgezet in de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). Zowel de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) als de Wpg en de Wjsg zorgen voor sterke privacyrechten, forse verantwoordelijkheden voor organisaties en stevige bevoegdheden voor alle Europese privacytoezichthouders.

      De uitgangspunten voor gegevensbescherming zijn daarom nagenoeg hetzelfde. Denk aan het bijhouden van een register van verwerkingen, een FG aanstellen en een data protection impact assessment (DPIA) en/of voorafgaande raadpleging uitvoeren. 

      Ook de uitgangspunten voor het doorgeven van persoonsgegevens aan landen buiten de Europese Unie zijn grotendeels gelijk.  

      Zie ook: Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de AVG en de richtlijn Gegevensbescherming voor politie & justitie? 

    • Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de AVG en de Richtlijn gegevensbescherming politie en justitie?

      Een belangrijk verschil ligt in de basis. De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is direct bindend en geldt in alle landen van de Europese Unie. De Richtlijn gegevensbescherming politie en justitie is niet direct bindend, maar moet omgezet worden in nationale wetgeving. 

      In Nederland is de richtlijn omgezet in de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg).

      Belangrijkste verschillen

      ​Hieronder staan de belangrijkste verschillen tussen de richtlijn – en daaruit voortvloeiend de Wpg en Wjsg - en de AVG. 

      Algemene bepalingen

      • De AVG ziet op verwerkingen van persoonsgegevens die zijn gebaseerd op privaatrechtelijke en bestuurlijke rechtsverhoudingen. De richtlijn ziet toe op het strafrecht: het voorkomen, onderzoeken, opsporen of vervolgen van strafbare feiten of het uitvoeren van straffen. Waaronder het beschermen en voorkomen van gevaren voor de openbare veiligheid.
      • Bij de implementatie van de richtlijn heeft de wetgever ervoor gekozen om de verwerkingsverantwoordelijke bij wet aan te wijzen. In de AVG gebeurt dit op feitelijke gronden: degene die het doel en de middelen bepaalt.
      • De richtlijn bevat een voorschrift over het onderscheid tussen feiten en meningen dat de AVG niet kent. Ook schrijft de richtlijn voor dat er onderscheid moet worden gemaakt tussen verschillende partijen, zoals verdachte, getuigen en slachtoffers.

      Beginselen

      • De AVG kent meerdere grondslagen voor het verwerken van persoonsgegevens. De richtlijn kent alleen de wet als grondslag. 
      • In de Wpg en Wjsg staan concrete bewaartermijnen genoemd. In de AVG niet. 

      Rechten van betrokkenen

      • De rechtsbescherming is verschillend. Betrokkenen hebben dezelfde privacyrechten, zoals het recht op inzage, rectificatie en vernietiging. Maar in de richtlijn zijn er meer beperkingen en uitzonderingen opgenomen dan in de AVG.  

      Beveiliging

      • De richtlijn bevat een verplichting tot logging, de AVG niet. Logging is het geautomatiseerd vastleggen van gegevens over de gegevensverwerking. Bijvoorbeeld wie bepaalde gegevens heeft ingezien. De richtlijn kent voor deze verplichting een langere implementatietermijn, tot 2023. En in uitzonderlijke gevallen tot 2026. In Nederland maken politie en justitie ook gebruik van die langere termijn. 
      • De richtlijn maakt het mogelijk dat politie en justitie soms (tijdelijk) kunnen afzien van het melden van een datalek aan de betrokken persoon of personen. Dit wanneer de belangen op het gebied van opsporen en vervolgen zwaarder wegen.

      Toezichthouder

      • De AVG kent meer uitgewerkte bevoegdheden voor de AP als toezichthouder om corrigerende maatregelen te nemen dan de Wpg en Wjsg.
      • In tegenstelling tot de AVG biedt de richtlijn geen ruimte aan de toezichthouder om een lijst van DPIA-plichtige verwerkingen op te stellen. Wel moeten opsporingsdiensten de AP in meer gevallen om een voorafgaande raadpleging vragen. 

      Overig

      • De Wpg kent een auditverplichting. Deze verplichting vloeit overigens niet voort uit de richtlijn.

      Zie ook: Wat zijn de belangrijkste overeenkomsten tussen de AVG en de Richtlijn gegevensbescherming politie en justitie?

    • Is de Richtlijn politie en justitie direct bindend, zoals de AVG?

      Nee. Europese richtlijnen moeten altijd in nationale regelgeving worden geïmplementeerd. 

      In Nederland is de Richtlijn gegevensbescherming politie en justitie uitgewerkt in de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). 

      Zie ook: Geldt de AVG ook voor politie en justitie? 

    Alle antwoorden op mijn vragenVragen over specifieke privacyregels voor politie en justitie