Vergroot contrast

Gemeenschappelijk standpunt Europese privacytoezichthouders over geolocatiediensten

Met behulp van geolocatietechnologie zoals GPS, WiFi en GSM masten kunnen smartphones en tabletcomputers worden getraceerd door verschillende verantwoordelijken. De plaatsbepaling kan worden gebruikt voor bijvoorbeeld behavioural advertising. De smartphone-gebruiker is zich er vaak niet van bewust dat zijn bewegingspatroon bekend is en bij wie. Dit kan voor hem of haar aanzienlijke risico’s inhouden. Daarom hebben de Europese privacytoezichthouders, verenigd in de Artikel 29-werkgroep, in een gemeenschappelijk standpunt de verplichtingen vastgelegd waaraan de partijen die locatiegegevens verwerken moeten voldoen. Een van de belangrijkste verplichtingen is het vragen van toestemming voor het verzamelen en verwerken van locatiegegevens van smartphones. Die toestemming kan alleen rechtsgeldig zijn als de kwaliteit van de informatie hoog genoeg is.

Omdat smartphones en tabletcomputers onlosmakelijk verbonden zijn met hun eigenaren, leveren de verplaatsingen van de apparaten een zeer intieme inkijk in het leven van hun eigenaren. Op basis daarvan kunnen de providers van de geolocatiediensten uitgebreide profielen opstellen van de gebruikers. Beweegt deze ’s nachts gedurende een bepaalde tijd niet? Dan weet je waar hij slaapt. Reist hij elke morgen via dezelfde route naar punt X? Dan is het waarschijnlijk dat hij daar werkt. Ook de verplaatsingen van vrienden kunnen worden gebruikt bij het opstellen van profielen.

Het verzamelen  van locatiegegevens kan heimelijk gebeuren, maar ook als gebruikers vergeten een knopje om te zetten, of als de standaardinstellingen ineens worden gewijzigd van privé naar openbaar. Ook als betrokkenen  met opzet locatiegegevens publiceren op internet kan dat tot onvermoede risico’s leiden, variërend van datadiefstal tot inbraak en zelfs tot fysieke agressie of stalking.

De privacytoezichthouders leggen in het gemeenschappelijke standpunt exact vast in welke situaties artikelen van de Privacyrichtlijn uit 1995 respectievelijk de e-Privacyrichtlijn van 2002 van toepassing zijn, welke verplichtingen voor verantwoordelijken en andere betrokken partijen voortvloeien uit de privacywetgeving en welke rechten de gebruikers van smartphones hebben. Het gemeenschappelijke standpunt gaat tevens in op de rechtmatigheid van het verzamelen van gegevens over wifi-routers, als nieuwe infrastructuur voor geolocatiediensten op smartphones.