Vergroot contrast

CBP: gemeenten verwerken medische gegevens in strijd met de wet

Vier gemeenten handelen in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) bij de verwerking van medische gegevens van burgers met een lichamelijke of psychische beperking die ondersteuning vragen bij de gemeente. Dat constateert het College bescherming persoonsgegevens (CBP) na onderzoek naar de verwerking van medische persoonsgegevens in het kader van de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) bij de vier gemeenten. Het CBP concludeert onder meer dat de gemeenten de dossiers met medische gegevens van aanvragers van Wmo-voorzieningen onvoldoende beveiligen. Hierdoor bestaat het risico dat onbevoegden toegang krijgen tot de medische gegevens in de Wmo-dossiers. Ook heeft het CBP geconcludeerd dat de gemeenten in strijd met de wet handelen door meer gegevens op te vragen dan nodig is voor de beoordeling van de Wmo-aanvraag.

Burgers met een lichamelijke of psychische beperking kunnen bij hun gemeente ondersteuning  vragen in de vorm van bijvoorbeeld een rolstoel of thuishulp op grond van de Wmo. De vier onderzochte gemeenten vragen bij de Wmo-aanvragen naar de naam van de behandelend specialist en in een enkel geval ook naar het medicijngebruik, zo constateert het CBP. Deze informatie is bovenmatig omdat deze slechts bij een klein deel van de Wmo-aanvragen relevant is voor de beoordeling. In dat geval kan deze informatie alsnog bij de aanvrager van de Wmo-voorziening worden opgevraagd.

Het CBP concludeert ook dat de gemeenten onvoldoende maatregelen hebben getroffen om onrechtmatige verwerking van de (medische) persoonsgegevens in de Wmo-dossiers te voorkomen. Bij twee gemeenten blijken zowel de fysieke als de digitale dossiers onvoldoende beveiligd tegen toegang door onbevoegden. Bij een derde gemeente is de beveiliging van de digitale dossiers niet op orde, terwijl een vierde gemeente haar fysieke dossiers onvoldoende heeft beveiligd.